Schurend vakantieverhaal 4: Sicilië

Eind mei 2005 voert de vakantiereis naar zonnig Sicilië. Ruimschoots op tijd rijden wij in het holst van de nacht naar Schiphol Airport. Er is tijd zat; ons toestel vliegt pas om 6 uur 25. ’t Fijne van ’s nachts rijden is het weinige verkeer en de geringe kans op files. Althans, dat mag je aannemen.

Voorbij Veenendaal is de rechter verkeersstrook met een rood kruis afgezet. Op de andere baan mag zeventig kilometer worden gereden. Niks aan de hand, maar waarom stopt die vrachtauto vóór mij opeens? Na enkele momenten doemen wildgebarende mannen uit het duister op. Wij moeten onmiddellijk van de rijbaan af. De chauffeur van een zware vrachtauto met oplegger ramde op het geblokkeerde wegdeel een mobiele wegafzetting. De hele massa perste zich vervolgens tegen een verderop stilstaande vrachtauto. De ravage is enorm.

Dode accu

Vluchtstrook en beide rijbanen zijn versperd. De chauffeur zit bekneld in zijn cabine. Na enige tijd arriveren politie- en ziekenauto’s en ook de brandweer verschijnt op het toneel gevolgd door een materieelwagen. Die laadt een container met hulpmateriaal af. Een generator ronkt om uitgeschoven schijnwerpers van stroom te voorzien. Het regent en blauwe zwaailichten plus fel witlicht zorgen voor een surrealistische sfeer. Dit gaat lang duren wordt al snel duidelijk. Het wachten is op een hijskraan. Na bijna anderhalf uur mogen wij doorrijden. Er is een openingetje gemaakt bij de vangrail. Zowel onze auto alsmede een taxibusje achter ons op weg naar Schiphol, mag verder. Ik draai de contactsleutel om maar de de auto weigert. Het gedurende de afgelopen uren regelmatig inschakelen van de elektrische ruitenwisser en deurruiten putte de de accu uit. Passagiers van het busje achter ons schieten te hulp. Zij duwen onze auto over het dode punt heen en wij rijden full speed naar langparkeren op Schiphol.

Nagelschaartje

We pakken een Schipholbus die ons om 5 uur 45 bij de vertrekhal dropt. We zijn optimistisch; dit gaat lukken. De koffers staan op de bagageband en we krijgen instapkaarten. Wel even doorstappen, is het advies van een slaperige beambte. Onze vertrekpier is een fiks eind lopen. Snelwandelend bereiken we de veiligheidsinspectie. Nee, dat verdachte rugtasje moet geopend worden. Vrouws lievelingsschaartje wordt geconfisqueerd. En verder hollen; het is inmiddels 6.15 uur. Om 6 uur 20 betreden wij het vliegtuig; achter ons sluit de vliegtuigdeur. Vijf minuten later, exact op tijd, vertrekt het toestel. Pakweg drie uur later arriveren we in een mistig en klam Palermo.

Reacties

Over de auteur

Kees Crone
Kees Crone is allereerst journalist en daarna schrijver. Hij houdt van zijn geboortestad. Zijn laatste boek uit 2018 heet daarom: Arnhem gezien door Crone.