Wethouder verzacht overstap bijstand naar werk

Werkplein - Google Maps

Als mensen die een bijstandsuitkering ontvangen aan het werk gaan, verandert hun financiële situatie. Soms kan dat negatief uitvallen, bijvoorbeeld doordat mensen dan net niet meer in aanmerking komen voor bepaalde toeslagen. Financiële onzekerheid werkt drempelverhogend. Consulenten werk & inkomen van de gemeente Arnhem werken daarom sinds deze maand met nieuwe tool: WerkloonT van Stimulansz. Hiermee kan nauwkeurig worden bekeken wat de financiële effecten zijn voor een inwoner die uitstroomt vanuit de uitkering naar werk.

Wethouder Martien Louwers: werk moet lonen

Het doel van de Participatiewet is om mensen tijdelijk te ondersteunen en zo snel mogelijk aan het werk te krijgen. In Arnhem lukte dat de afgelopen jaren mondjesmaat. De instroom in de bijstand was verhoudingsgewijs niet hoger dan elders, maar wel telt de gemeente relatief veel inwoners die al lang van een uitkering leven. De wethouder: “Zij weten vaak precies wat hun inkomen is en welke toeslagen ze krijgen. Ontbreekt het inzicht in wat de uitstroom naar werk betekent voor het netto-inkomen, dan zeggen sommige inwoners: doe toch maar niet. Ze weten wat ze hebben, maar niet wat ze straks krijgen.” Uitgangspunten van het beleid zijn volgens haar een eenvoudig proces, zorgen voor een voorspelbaar inkomen en eventueel extra ondersteuning bij financieel beheer.

Het kan echter gebeuren dat de inwoner bij de stap naar (meer uren) betaald werk er financieel op achteruitgaat. Bijvoorbeeld doordat het recht op toeslagen of andere inkomensondersteunende (lokale) voorzieningen vervalt. In Arnhem kunnen inwoners met een laag inkomen bijvoorbeeld gebruikmaken van de GelrePas, om met korting of gratis mee te doen aan cultuur en sport. Als inwoners daar geen aanspraak meer op kunnen maken, wordt de bestedingsruimte kleiner. En dat kan niet de bedoeling zijn, vindt Louwers. “Werken moet lonen.”

In het Arnhemse coalitieakkoord staat dat de uitstroom uit de bijstand minimaal de landelijke trend moet volgen. De gemeente heeft volgens Louwers een ambitieus programma om daar bovenop nog eens 500 inwoners naar passend werk te begeleiden (‘Doorbraak naar Werk’). De coronacrisis komt daar nu tussen, waardoor de noodzaak voor zo’n programma alleen maar groter is geworden. “We zien dat huishoudens met lage inkomens de rekening betalen van de crisis. Daar moeten we iets aan doen.”

Zorgen voor voorspelbaar inkomen

Louwers vindt dat je de onzekerheid over het inkomen na het vinden van een baan moet wegnemen door inwoners een heldere berekening voor te leggen over het nieuwe netto-inkomen. “Hoe mooi is het als je inwoners kan laten zien wat er met hun inkomen gebeurt als ze gaan werken”, zegt Louwers. “Er zijn zoveel verschillende regelingen van Rijk en gemeenten, dat het onoverzichtelijk is. De ene regeling gaat uit van 100% van het sociaal minimum, een ander van 130%.”

Om wel duidelijkheid te verschaffen werkt Arnhem vanaf januari met een rekeninstrument dat inzicht geeft bij een veranderende inkomens- of leefsituatie: WerkloonT. De tool is ontwikkeld door Stimulansz, kennis-en adviespartner van gemeenten, en vergelijkt de situatie vóór (bijstand) en ná (werk of meer uren werken). De calculator wordt per gemeente op maat ingericht. Ter voorbereiding op een gesprek of in de spreekkamer kan de consulent na het invullen van relevante gegevens iemands financiële plaatje in één oogopslag bekijken, en dat ter plekke delen met de inwoner. Verder wordt duidelijk, of een extra inspanning mogelijk is om te voorkomen dat deze persoon er niks op vooruitgaat, of zelfs een stap terug doet.

Kijken naar de totale leefsituatie

Sinds afgelopen zomer werkt de afdeling W&I in gebiedsteams. De medewerkers staan daardoor dichterbij de inwoner en de inwoner heeft een vast contactpersoon. In het leven van een inwoner kunnen verschillende zaken spelen die iemand belemmeren om aan het werk te gaan. Samen met de sociale wijkteams en uiteraard de inwoner zelf, wordt gekeken hoe de belemmeringen kunnen worden weggenomen. Door via WerkloonT de financiële situatie in beeld te brengen kan ook voorkomen worden dat nieuwe schulden ontstaan als een inwoner gaat werken.De bestedingsruimte is dan immers duidelijk. Als werken onverhoopt toch niet lukt,kan een inwoner binnen 6 maanden na uitstroom uit de uitkering nog contact opnemen met zijn of haar contactpersoon bij werk & inkomen. “Ook hier worden drempels weggenomen door weinig bewijsstukken te vragen. Niet meer dan nodig is, dat is wel zo klantvriendelijk!”

Vaak is dan een verkorte aanvraag voor een uitkering mogelijk. Ook wordt meteen gekeken of de inwoner met de nieuwe werkervaring toch weer kan uitstromen naar een andere baan.

Reacties