ARNHEM – Een rij populieren vlakbij de radar in het plaatsje Herwijnen, die het neerslagbeeld voor Arnhem en omgeving bepaalt, blokkeert al jaren het zicht in oostelijke richting. De bomen zijn inmiddels zo hoog dat de radar geen goed beeld meer heeft van onder meer Arnhem. Daardoor werken weerapps minder nauwkeurig in Arnhem, Nijmegen, Doetinchem en omliggende gebieden. Het KNMI laat aan de redactie van de Arnhemsche Courant weten dat bij de plaatsing van de radar in 2016 de bomen geen probleem vormden, maar dat de blokkade sinds 2022 significant is toegenomen.
(Door: Edwin Rijkaart, oprichter van Buienradar.nl)

Ik wist al langer dat er een verstoring zat in de richting van grofweg Arnhem–Nijmegen, maar niet dat de oorzaak zo simpel was. Ik dacht eerder aan windmolens in de omgeving. Dat het uiteindelijk om boomtoppen gaat, is opvallend. In de zomer wordt het probleem bovendien groter, omdat de bomen dan vol blad zitten.
Het KNMI bevestigt dat de bomen het radarsignaal deels blokkeren. Inmiddels is een correctie toegepast in de neerslagdata om dit effect te beperken. Voor de periode vóór die correctie, die eind 2024 werd ingevoerd, was er volgens het instituut sprake van een duidelijke onderschatting van de hoeveelheid neerslag in dit gebied. Op dit moment wordt gewerkt aan een herberekening van historische data, die naar verwachting eind 2026 gereed is. Wel blijft de kwaliteit van de metingen in het getroffen gebied iets lager, omdat correcties altijd onzekerheden met zich meebrengen.
Wat kost dat wel niet? Er moeten jaren aan data worden gecorrigeerd, tot eind 2026. Dan denk ik: snoeien was waarschijnlijk een stuk goedkoper geweest.
Ik vind dat eerlijk gezegd onbegrijpelijk. De discussie rond het snoeien of kappen van bomen neemt soms absurde vormen aan. Deze radars zijn er niet alleen voor apps zoals Buienradar, maar ook voor de veiligheid. Als dit probleem in het westen van het land had gezeten, waren die bomen waarschijnlijk allang aangepakt.
Duitse en Belgische radars
Om de dekking in de omgeving van Arnhem te verbeteren, maakt het KNMI gebruik van radars uit onder meer het Duitse Essen en het Belgische Helchteren. Dat is geen ideale oplossing. Ieder land hanteert een eigen scanstrategie: hoe vaak een radar meet en onder welke hoeken. Die systemen kun je combineren, maar perfect wordt het nooit. Uiteindelijk wil je dat de eigen radar gewoon goed functioneert. Er ligt een pad langs die bomenrij. Even snoeien en het probleem is grotendeels opgelost. In Arnhem betalen we ook belasting om die radar goed te laten functioneren.
De Arnhemsche Courant gebruikt voor haar weerpagina ook de radar in Duitsland. Die wordt bewust niet gecombineerd met de Nederlandse radar. De resolutie van de Duitse radar ligt hoger en het tijdstip van scannen wijkt af. Je kunt die beelden samenvoegen, maar losse beelden zijn scherper en betrouwbaarder.
Veiligheid
Door klimaatverandering nemen korte, hevige buien in Nederland toe. De neerslagradar is daardoor cruciaal geworden om extreem weer op tijd te signaleren. De radarbeelden vormen een belangrijke basis voor het Early Warning Centre van het KNMI, waar meteorologen continu het weer monitoren en waarschuwingen uitgeven. Juist bij snel ontwikkelende zomerbuien kan het verschil tussen wel of geen waarschuwing afhangen van minuten.
Het Early Warning Centre ziet de regio Arnhem al jaren minder goed. Maar ook Nijmegen, Doetinchem en alles wat ertussen ligt. Buitenlandse weerdiensten waarschuwen niet voor zwaar weer in deze regio. Dat moet het KNMI doen.

Begin november 2013 trok een windhoos over Arnhem en de omliggende regio. De radar meet naast neerslag ook windsnelheden in buien. Daarvoor is reflectie nodig. Door verstoringen, zoals in dit geval, zijn metingen in bepaalde richtingen minder vaak beschikbaar. Dat verlaagt de kwaliteit van de data.
Buien kunnen in enkele minuten ontstaan en een complete stad op zijn kop zetten. Je kunt ze niet tegenhouden, maar je wilt wel zo precies mogelijk zien wat eraan komt, zodat je kunt waarschuwen.
Het KNMI onderzoekt inmiddels of de bomen gesnoeid kunnen worden. “We hebben hierover constructieve gesprekken gevoerd met de relevante partijen,” aldus het instituut.