mowl

Gewacht

Tante was beetje bij beetje afgepeld, de laatste tijd, tot alleen haar schaduw nog was overgebleven. Het telefoontje van Moeder was dan ook onvermijdelijk voorzien. “Tante is overleden.” zei ze. Mijn onmiddellijke opluchting herkende ik. Het opvolgende verdriet voltrok zich. “Neef en Nicht hebben de nacht ervoor bij haar gewaakt.” vertelde Moeder. “En toen haar enige Zuster kwam werd haar…


Genoeg

Tante dronk de thee uit het glas dat ik aan haar lippen zette – of nee, ze nipte meer. Even later nam ze nog wat slokjes, maar de derde keer kneep ze de ogen dicht. Genoeg, begreep ik. Ik zette het glas terug op de rollator naast haar stoel. Haar ogen draaiden mijn kant op en staarden me aan. Ze…


Opgehangen

Er kwam geluid uit haar tas. “Is dat niet je telefoon?” vroeg ik. Ze keek op. “Wat?” zei ze. “O ja, ik denk het wel.” Ze deed haar tas open. “Bedankt.” zei ze. Ze voelde in de tas. “Waar heb ik hem?” mompelde ze. Dan haalde ze haar toestel tevoorschijn, gehuld in een gekleurd foedraal. Eerst zette ze de tas…


Op de stang gejaagd

Ze konden elkaar niet loslaten, de jongen en het meisje die vlak voor me fietsten. Ze waren verliefd, zoveel was zeker. Dat kon je direct zien aan de manier waarop ze naar elkaar keken, wanneer de een de ander bijna plagend losliet om meteen die hand weer terug te beroeren omdat het zo moest zijn. Nog nooit eerder was het…


Belast

In afwachting van zijn zoon was hij gaan zitten. Om zijn nek hing een kastje, dat via een dunne leiding om de paar tellen zuurstof naar zijn neus pompte. Hij knikte glimlachend. “Ik gebruik het eigenlijk alleen met dit soort weer.” zei hij – het klonk welhaast verontschuldigend. “Ik heb altijd al last gehad van te weinig lucht.” zei hij….


Opgeven

“Geef jij alles op?” vroeg de rastaman aan de betoefte, die hij vermoedelijk vooral vanwege hun veronderstelde verbondenheid met ‘Broer’ aanduidde. Die grinnikte alleen maar wat. “Opgeven broer?” spotte hij. “De Belastingdienst krijgt alleen te weten wat ik wil dat ze van me weten.” Hij snoof. “Meer niet.” Waarna hij een kwalster de grond op rochelde. De rastaman bekeek het…


De wandeling

Op het bankje aan de dijk keken we uit over de uiterwaarden. “Ik wist niet echt wat ik ermee aan moest.” staarde hij. Ik bekeek hem. Het was nog steeds duidelijk waarom hij in onze gezamenlijke jonge jaren de magneet was die alle meisjes van school aantrok. “Je was populair.” zei ik. Hij knikte. “Ik was nooit alleen.” zei hij….


Vier mij

Vanaf mijn perron zag ik bloemen en kaarsen staan op het tegenoverliggende. Er is hier een mens gestorven, dacht ik meteen. Iemand die ik niet gekend had en die overleden was zonder mijn weten. Anderen wisten het wel. Die hadden er bloemen en kaarsen neergezet om die mens te herinneren. Zo te zien was hij een geliefd mens geweest, als…


Sluitingstijd

Omdat de winkel ging sluiten, was de jongste bediende aangewezen om bij de deur te gaan staan en niemand meer binnen te laten. “Er mag niemand meer naar binnen.” maande hij dus de man die bij de ingang kwam gelopen. “Ik hoef alleen een folder.” zei hij. “Heb je die?” De jongste bediende pakte er een uit de bak bij…


Zelfbediening

We stonden samen te wachten tot de regen zou ophouden, ik met mijn boodschappen en zij met de hare. De vrouw was netjes gekleed – zeg maar keurig: alsof ze op weg was naar een feest. “Gaat u naar een feest?” waagde ik. De vrouw keek op, ze glimlachte – verguld als ze leek te zijn met mijn opmerkingsgave. “Inderdaad.”…