ARNHEM – Koopwoningen in Nederland waren in januari 2026 gemiddeld 5,4 procent duurder dan een jaar eerder. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster. Daarmee zet de landelijke woningmarkt de stijgende lijn voort. In Arnhem bleef de prijsontwikkeling over heel 2025 echter relatief beperkt, al werden woningen ook hier duurder.
Landelijke woningmarkt trekt verder aan
Volgens het CBS lagen de huizenprijzen in januari bovendien 1,2 procent hoger dan in december. Daarmee houdt de stijgende trend aan die medio 2023 inzette, nadat de woningmarkt tijdelijk afkoelde door snel oplopende hypotheekrentes.
Landelijk kwam de gemiddelde verkoopprijs van een bestaande koopwoning uit op bijna 494.000 euro. Ook het aantal transacties nam toe, een teken dat kopers weer actiever worden. Tegelijkertijd ziet het CBS dat het tempo van de prijsstijging al maanden langzaam afneemt, wat wijst op een stabiliserende markt.
Arnhem blijft achter bij landelijke groei
De ontwikkeling in Arnhem wijkt daarvan af. Kopers betaalden in 2025 gemiddeld 407.247 euro voor een bestaande koopwoning, tegenover 403.201 euro een jaar eerder. De gemiddelde verkoopprijs steeg daarmee met ongeveer 1 procent. Dat is aanzienlijk minder dan de landelijke prijsontwikkeling, maar betekent niet dat woningen nauwelijks duurder werden. Het gemiddelde verkoopbedrag vertelt namelijk niet het hele verhaal over de woningmarkt.
Gemiddelde prijs en prijsontwikkeling zijn niet hetzelfde
De gemiddelde verkoopprijs wordt sterk beïnvloed door het type woningen dat in een jaar wordt verkocht. Wanneer relatief veel appartementen van eigenaar wisselen, ligt het gemiddelde lager dan in jaren waarin vooral grotere eengezinswoningen worden verkocht.
Daarom berekent het CBS ook een prijsindex die corrigeert voor verschillen in woningtype en kwaliteit. Volgens deze methode stegen de huizenprijzen in Arnhem in 2025 met ruim 5 procent. Gecorrigeerd voor verschillen tussen woningen werden koopwoningen dus wel degelijk duurder.
Landelijke verkoopgolf van huurwoningen zichtbaar in cijfers
Een belangrijke factor achter dit verschil is het zogenoemde uitponden, een ontwikkeling die landelijk speelt. Daarbij verkopen verhuurders huurwoningen afzonderlijk aan particuliere kopers, vaak nadat een woning vrijkomt.
Door veranderende regelgeving en lagere rendementen kiezen beleggers er vaker voor hun huurwoningen te verkopen. Daardoor komen relatief veel kleinere appartementen op de koopmarkt. Omdat deze woningen gemiddeld goedkoper zijn, drukken zij het gemiddelde verkoopbedrag, terwijl de werkelijke prijsontwikkeling positief blijft. Ook in Arnhem is dit effect zichtbaar in de verkoopcijfers van 2025.
Markt blijft krap ondanks gematigde cijfers
De beperkte stijging van de gemiddelde verkoopprijs betekent dan ook niet dat de Arnhemse woningmarkt is afgekoeld. De vraag naar koopwoningen blijft groot, terwijl het aanbod slechts langzaam groeit. Goed geprijsde woningen worden nog altijd snel verkocht.
De Arnhemse woningmarkt lijkt daarmee vooral een fase van stabilisatie te hebben bereikt na jaren van sterke prijsstijgingen: minder spectaculaire groei dan landelijk, maar nog altijd opwaartse prijsdruk.